Betrouwbare informatie over onderwijs op afstand en weer op school

Cameragebruik bij les op afstand

Tijdens regulier onderwijs in schoolgebouwen hebben leraar en leerling regelmatig face-to-face contact. Als leraar krijg je op die manier een aanvullend beeld van de onderwijskundige voortgang van elke leerling, naast zijn of haar toetsresultaten. Toch heb je ook tijdens een fysieke les niet voortdurend met elke leerling face-to-face contact, je moet immers de hele klas in de gaten houden. In de klas gelden daarom specifieke gedragsregels, zodat je leerlingen kunt aanspreken op ordeverstorend gedrag. 

Mag je bij onderwijs op afstand de webcam of camera van de leerling gebruiken voor het nabootsen van de reguliere klassituatie?

De leerling is niet verplicht gedurende de hele les de camera aan te zetten, mits er alternatieven zijn. Een leerling kan bijvoorbeeld de live-stream of video tijdens de les prima volgen met alleen de chatfunctie aan. Ook samenwerken in groepjes kan met de chatfunctie. De leraar kan wel vragen de camera te gebruiken als aanvulling op de les, maar hij kan het niet verplichten. 

Voor les op afstand gelden, net als tijdens de reguliere les, gedragsregels. Deze kun je, indien nodig, aanpassen aan de nieuwe digitale omgeving.

Camera voor het controleren van presentie

De presentie van een leerling kun je controleren met behulp van een chatapplicatie. Bijvoorbeeld door regelmatige controle of door leerlingen te vragen actief te participeren in de les, zodat je weet dat ze nog present zijn. Denk aan het maken van een oefening of het deelnemen aan een digitale quiz. Wanneer de leerling hier niet aan deelneemt kun je contact opnemen met de leerling of diens ouders. Een camera inzetten om de presentie te controleren is een té ingrijpend middel. 

Camera tijdens een-op-een contact tussen leraar en leerling

Bij een-op-een contact mag de leraar de leerling vragen de camera aan te zetten, maar hij kan dit niet verplichten. Voor de individuele begeleiding van een leerling kun je audio, e-mail of de chatfunctie gebruiken. Wanneer je toch graag een camera wil gebruiken, moet de leerling daar toestemming voor geven. Als leraar treed je met een camera namelijk de privé-omgeving van de leerling binnen. Een leerling zou daar moeite mee kunnen hebben en mag geen nadeel ondervinden van het weigeren van de toestemming. Wanneer je het, in uitzonderlijke gevallen, écht noodzakelijk vindt de leerling in beeld te krijgen, moet je dat kunnen verantwoorden als algemeen belang. De school moet dit per individueel belang kunnen motiveren.

Camera tijdens het afnemen van een toets

Bij het maken van een toets die geen onderdeel is van het examen, zijn er verschillende alternatieven om de vooruitgang van de leerling te beoordelen. Denk daarbij aan het maken van complexe(re) schrijfopdrachten (zoals werkstukken), aan digitale toetsen met gerandomiseerde vragen en antwoorden, of aan een toets waarbij de responstijd geen mogelijkheid laat voor het gebruik van boeken of telefoon.

Camera tijdens het afnemen van het examen

Ook voor het afnemen van een examen is het goed vooraf te bedenken in welke vorm het examen niet al te veel inbreuk maakt op de privacy van de leerling. 

Wellicht is het verstandiger een alternatieve vorm in te zetten. Het gebruik van een camera mag alleen als dat noodzakelijk en dus effectief is om fraude of onregelmatigheden te constateren. In de meeste gevallen zal dat niet het geval zijn. Inzet van de camera moet daarom altijd een onderdeel zijn van een totaalpakket voor het monitoren van de leerling om fraude te kunnen vaststellen. 

De Autoriteit Persoonsgegevens heeft een uitspraak gedaan over het gebruik van software bij het volgen van leerlingen op camera tijdens een examen.

Informatieverplichting bij cameragebruik

De school moet leerlingen en ouders informeren over de manier waarop school omgaat met cameragebruik tijdens examens en toetsen. Daarbij moet je ook aangeven of beelden worden opgenomen en bewaard en wat de grondslag is (volgens het wettelijk Examenbesluit VO). Op basis van deze taak van algemeen belang kan het legitiem zijn om een camera verplicht te stellen en de beelden tijdelijk te bewaren. 

Als tijdens het examen of de toets geen onregelmatigheden zijn opgetreden mogen de beelden niet langer bewaard worden dan voor eventueel bewijs van een rechtmatige toetsing noodzakelijk is. Zijn er bezwaren of klachtenprocedures, dan is het toegestaan de betreffende beelden te bewaren zolang als voor de bewijsvoering noodzakelijk is. Daarna moeten de beelden vernietigd worden.

Rol van de (G)MR

Verplicht gebruik van de camera bij toetsen of examineren moet je opnemen in het toets- of examenreglement. Hierover heeft de (G)MR instemmingsrecht.

Terug